De druk op uw waterleiding komt tegenwoordig meestal van elektrische pompen bij de productielocaties en distributiestations, niet meer van een watertoren. Het Drinkwaterbesluit schrijft voor dat bij de watermeter van een woning minimaal 150 kPa staat, oftewel 1,5 bar, en dat er binnen een uur 1000 liter water geleverd kan worden. De meeste drinkwaterbedrijven houden volgens het Drinkwaterplatform (2023) ongeveer 200 kPa aan. Watertorens deden vroeger hetzelfde met zwaartekracht. Een deel staat nog overeind, en sommige doen nog dienst.
10 meter waterkolom is 1 bar
Een watertoren werkt op hoogteverschil. Elke 10 meter waterkolom levert ongeveer 100 kPa druk op, oftewel 1 bar. Staat het water in het reservoir 30 meter boven de straat, dan staat er in de leidingen beneden dus zo'n 3 bar. Drinkwaterbedrijven drukken waterdruk daarom nog steeds wel uit in meter waterkolom.
De druk hangt alleen af van hoe hoog het water staat, niet van hoeveel water er in de toren zit. Het volume bepaalt wel hoe lang de toren een piek of een storing kan opvangen. Denk aan het moment waarop veel mensen tegelijk de wc doortrekken, of aan een grote brand. Daarom zijn torens vaak op het hoogste punt in de omgeving gebouwd: dan kon het bouwwerk zelf lager blijven.
Van Den Helder tot appartementen in Zutphen
De eerste Nederlandse watertoren die deel uitmaakte van een drinkwaternet, verrees in 1856 in Den Helder. Het Amsterdamse leidingnet was ouder, maar werkte zonder toren. Na de cholera-epidemie van 1866 kregen steeds meer steden een waterleiding en een watertoren. Volgens de gangbare telling zijn er in Nederland ooit zo'n 260 gebouwd, waarvan er nog ongeveer 170 staan. De meeste zijn rijksmonument. De hoogste staat in Emmeloord: 65,30 meter.
De toren bovenaan deze pagina staat aan de Warnsveldseweg in Zutphen. Hij werd in 1926 en 1927 gebouwd naar een ontwerp van architect Hendrik Sangster, is 46,2 meter hoog en heeft een reservoir van 600 kubieke meter. In 1984 kwamen er appartementen in het onderste deel, vandaar de balkons. Het reservoir bovenin is nog in gebruik en dient als buffer voor enkele honderden huishoudens.
Veel andere torens verloren hun functie en werden woning, hotel of restaurant.
Pompen namen het werk over
De rol van de watertoren is grotendeels overgenomen door pompen waarvan het toerental automatisch wordt geregeld. Ze leveren precies zoveel druk als het net op dat moment vraagt. WML beschrijft hoe het drinkwater uit ondergrondse opslag met 8 bar het leidingnet in wordt gepompt, zodat het bij de klant met minimaal 2 bar aankomt. Onderweg gaat druk verloren door wrijving in de leidingen en door hoogteverschillen.
Een watertoren heeft één voordeel dat een pomp mist: bij een stroomstoring blijft hij water leveren zolang het reservoir niet leeg is. Dunea wijst daar nog steeds op: zijn watertoren houdt het net onder druk, ook bij een eventuele stroomuitval. De drinkwaterbedrijven hebben een wettelijke leveringsplicht en houden daarom voorzieningen als noodstroom achter de hand voor hun pompstations.
Ook de reinwaterkelders bij de productielocaties spelen een rol. Ze vangen het verschil op tussen gelijkmatige productie en wisselend verbruik, zodat de pompen niet rechtstreeks afhankelijk zijn van wat de zuivering op dat moment levert.
Lagere druk als bewuste keuze
Meer druk kost meer energie. PWN, dat gemiddeld 220 kPa leverde, onderzocht daarom in 2023 hoe ver de druk omlaag kon voordat klanten het merkten. In Den Helder en Julianadorp werd de druk in 3 weken stapsgewijs verlaagd, tot 35 kPa onder het normale niveau, en zo gehouden tot eind september. Er kwamen in totaal 9 meldingen binnen. Bij 5 daarvan ging het om een reactie op de aankondigingsbrief, niet om een probleem aan de kraan.
Volgens PWN scheelt 10 kPa minder druk 380.000 kilowattuur per jaar en 94 ton CO2-uitstoot, bij een levering van 112 miljoen kubieke meter per jaar. Er was ook een kanttekening: de pompen konden de lagere druk technisch slecht aan, en bedrijven kunnen processen hebben die op een bepaalde druk zijn ingericht. Zolang de wettelijke 150 kPa gehaald wordt, mag een drinkwaterbedrijf de druk zelf kiezen.
In droge, hete periodes verlagen bedrijven de druk soms tijdelijk om het net te ontlasten. PWN deed dat in de 8 jaar voor de proef meermaals met 20 kPa, zonder dat daar meldingen over kwamen.
Te weinig druk thuis: eerst zelf kijken
Komt er op één kraan weinig water uit, dan is het zeefje in de kraankop meestal de oorzaak. Draai de kop los en maak het zeefje schoon met azijn, adviseren Vitens en WML. Is de druk op alle kranen laag, controleer dan of de hoofdkraan helemaal openstaat.
Helpt dat niet, kijk dan of er een storing of werkzaamheden zijn in uw straat. De drinkwaterbedrijven melden die op waterstoring.nl. Bij een lek vóór de watermeter belt u de storingsdienst van uw drinkwaterbedrijf, bij een lek erachter een installateur of de eigenaar van de woning. Hoe u met de watermeter zelf een lek opspoort, leest u in het artikel over lekkages opsporen.
Op warme dagen kan de druk dalen als veel mensen tegelijk sproeien en douchen. Vitens schrijft dat het water dan zo goed mogelijk wordt verdeeld, zodat niemand zonder komt te zitten.
Te veel druk, hoogbouw en boerderijen
In heuvelachtig gebied kan de druk in huis juist hoog uitvallen. WML raadt bij meer dan 4 bar een drukregelaar aan, ook wel reduceerventiel genoemd. Een installateur kan die plaatsen.
In hoge gebouwen speelt het omgekeerde. Omdat elke 10 meter hoogte ongeveer 1 bar kost, komt het water op de bovenste verdiepingen niet vanzelf met genoeg druk aan. Daar is een drukverhogingsinstallatie in het gebouw nodig. Vanaf welke hoogte dat speelt, hangt af van de netdruk ter plaatse. Het drinkwaterbedrijf kan die opgeven.
Ook grote agrarische bedrijven lopen tegen drukgrenzen aan, bijvoorbeeld als een luchtwasser en de veedrinkbakken tegelijk water vragen. Brabant Water noemt als oplossingen een grotere watermeter, leidingen van de juiste maat, een buffervat dat 's nachts vol loopt en het spreiden van waterintensieve taken over de dag. Voor warm water in huis is voldoende druk eveneens van belang: volgens het Drinkwaterplatform heeft warmwaterapparatuur genoeg druk nodig om goed te functioneren.
