EditieNº MMXXVI · 2026
Onafhankelijke uitgavevrijdag 25 september 2026

Magazine over water: in huis, van bron tot kraan, wateroverlast, waterbeheer en watersport
Watersport

Kanoën en kajakken in Nederland: het verschil, de routes en hoe u begint

Kano of kajak, waar u in Nederland kunt peddelen, hoe u het leert en welke regels gelden. Met de Weerribben-Wieden, zeekajakken en tips voor beginners.

Twee kajakkers van achteren gezien, een in zwarte en een in rode jas, peddelen met dubbelbladige peddels over een brede vaart tussen rietkragen en bosranden onder een bewolkte lucht
Foto: Ter-burg — CC BY-SA 3.0 NL · Wikimedia Commons

Kanoën kan in Nederland bijna overal waar water is. Het Watersportverbond telt meer dan 1.500 kanoroutes en meer dan 250 verhuurders, van de Biesbosch tot de veenplassen van Friesland. Een vaarbewijs heeft u niet nodig. Het grootste verschil tussen de boten: een kano is meestal open en wordt vaak met een enkelbladige peddel gevaren, een kajak heeft een gesloten dek en een peddel met twee bladen. Begin op rustig, beschut water, draag een zwemvest met bewegingsruimte en laat iemand weten waar u heen gaat. Les kan bij een van de ruim 100 kanoverenigingen of bij een kanoschool.

Kano of kajak: open boot of gesloten dek

In het dagelijks taalgebruik lopen de woorden door elkaar, en dat is niet vreemd. Kanovaren is de verzamelnaam voor varen met een peddel terwijl u met het gezicht in de vaarrichting zit. Een kajak is daar een vorm van.

De kajak komt van de Inuit, die er op zee mee jaagden. Kenmerkend is het dichte dek met een opening in het midden, het mangat. U zit met de benen naar voren en peddelt met een dubbelbladige peddel. Met een spatzeil om het middel sluit u het mangat af, zodat er bij golven weinig water binnenkomt. Moderne kajaks zijn meestal van polyetheen, dat goedkoper maar zwaarder is, of van composiet met glasvezel, carbon of kevlar.

De open kano die u op campings en bij verhuurders ziet, wordt in Nederland vaak een Canadese kano genoemd. Volgens de Nederlandstalige Wikipedia is dat een naam die in Europa is blijven hangen door een misverstand bij de opkomst van de sport. U vaart hem meestal met een enkelbladige peddel, de steekpeddel. De term raakt wel uit de mode: volgens Wikipedia spreekt men steeds vaker gewoon van een kano, en van een kajak als het specifiek om een kajak gaat. De twee vaarders op de foto bovenaan gebruiken dubbelbladige peddels.

Waar u peddelt: van moeras tot beekje

De foto is gemaakt in mei 2014 in de Weerribben-Wieden in Overijssel. Dat nationaal park is volgens Wikipedia het grootste aaneengesloten laagveenmoeras van Noordwest-Europa, ruim 10.000 hectare groot. Het landschap is door mensen gemaakt. Eeuwenlang werd hier turf gestoken, en de gaten die daarbij ontstonden, werden kanalen, sloten en plassen. In 2002 zijn er otters uitgezet. Ze kwamen hier eeuwenlang voor, maar waren in de jaren tachtig verdwenen.

Voor kanoërs is het een doolhof van vaarten en petgaten. In een blog op de site van het Watersportverbond beschrijft een kanovaarder een trektocht van vijf dagen en ruim 80 kilometer, met overnachtingen op paalkampeerplekken en campings. Er is ook een uitgeschreven route van 70 kilometer. Giethoorn ligt op de route, en daar kan het flink druk zijn.

Wie iets anders zoekt, heeft keuze. De Biesbosch biedt brede kreken en getij. In Limburg en de Achterhoek kronkelen beekjes met kleine stroomversnellingen, zoals de Groote Molenbeek bij Horst. En in veel steden kunt u door grachten en singels varen. Veel routes zijn bebakend. Het Watersportverbond wijst wel op een groeiend probleem: in ondiep water groeien steeds meer waterplanten, waar kanoërs veel hinder van hebben.

Leren bij een vereniging, een school of gewoon huren

Een kano huren is de snelste manier om het water op te gaan. Voor een rustige tocht op beschut water is geen les nodig. Toch leert u in een paar lessen veel dat een huurmiddag niet biedt, van veilig in- en uitstappen tot peddelslagen waarmee de boot doet wat u wilt.

Nederland telt volgens het Watersportverbond meer dan 100 kanoverenigingen. Vaak hoeft u niet meteen lid te worden. Een kleine vergoeding voor een boot of een les is gebruikelijk, en bij georganiseerde tochten bent u meestal welkom. Een kanoschool of buitensportbedrijf werkt zonder lidmaatschap, met losse cursussen.

Bij erkende scholen en verenigingen kunt u officiële kanodiploma's halen van de Watersport Academy, dezelfde opleidingslijn als bij zeilen en windsurfen. Hoe die opleidingen zijn opgebouwd, staat in ons stuk over zeillessen en diploma's. Het Watersportverbond noemt vooral het diploma rond bewustwording populair: onveilige situaties herkennen en weten wat u doet als er iets misgaat. Wie vaker tochten vaart, kan vaarwaterpunten verzamelen voor een toerboekje.

Uitrusting: vest, kleding en een lampje

Een zwemvest van 50 newton is voor kanoën en kajakken de gangbare keuze. Zo'n drijfhulpmiddel draait u niet op uw rug, maar laat u wel vrij bewegen. De KNRM adviseert een vest met veel ruimte bij de schouders, waarmee u ook kunt zwemmen, en waar u niet uit kunt glijden. Het Watersportverbond raadt een vest ook aan voor wie goed kan zwemmen.

Kleed u op het water, niet op de lucht. In een kajak zit u laag en krijgt u spatten en druppels van de peddel over u heen. Een droge set kleding in een waterdichte zak in de boot is geen overbodige luxe.

Vaart u na zonsondergang, dan heeft u een wit, rondom schijnend licht nodig. Volgens het Binnenvaartpolitiereglement is dat voor een klein schip op spierkracht voldoende. Neem ook een telefoon mee in een waterdichte hoes, en laat iemand thuis weten welke route u vaart.

Tussen de sloepen en de vrachtschepen

Een kano is een klein schip, en op het water gelden voor u dezelfde regels als voor andere boten. Houd rechts, zo dicht mogelijk bij de stuurboordwal, en steek een vaargeul pas over als die vrij is. Varen doe je Samen! wijst erop dat u in een roei- of peddelboot op een vaarweg extra kwetsbaar bent en vooral goed gezien moet worden.

Op kanalen en rivieren met beroepsvaart is afstand houden het belangrijkste. De golfslag en zuiging van een binnenvaartschip zijn in een kajak goed te voelen, en de schipper ziet u voor zijn boeg niet. Een overzicht van de voorrangsregels, de dode hoek en wie u belt als het misgaat, staat in het veiligheidsoverzicht voor watersporters.

Zeekajakken: een sport apart

Het Watersportverbond noemt zeekajakken geen enkele discipline, maar een verzameling: varen in de branding, surfski en toervaren op zee. Meestal wordt dat laatste bedoeld. De zeekajak is in Nederland ook op binnenwater populair, volgens het verbond omdat de vaarwegen hier meestal recht zijn en weinig korte bochten hebben.

Op zee verandert het beeld snel. Het verbond schrijft dat de Noordzee op een windstille dag een rustige omgeving kan zijn, maar met wind uit de verkeerde richting een golfslagbad wordt. Het vergelijkt de sport met bergsport: er is uitdaging voor elk niveau, maar u moet de regels respecteren en veel oefenen. Binnen het verbond leidt de Commissie Buitenwater instructeurs op en regelt de examens.

Wie ver genoeg is, kan zich wagen aan tochten als de oversteek van Terschelling naar de vaste wal, zo'n 37 kilometer over de Waddenzee. Daarvoor zijn kennis van getij, stroming en weer nodig, en ervaring in een groep.

Veelgestelde vragen

Heb ik een vaarbewijs nodig voor een kano of kajak?
Nee. Een vaarbewijs is alleen verplicht voor boten van 15 meter of langer en voor motorboten die sneller kunnen dan 20 kilometer per uur. Zet u een motortje achter een kano waarmee hij harder kan dan 20 kilometer per uur, dan verandert dat. Zie de regels rond het vaarbewijs.
Kan ik ook in de winter kanoën?
Ja, volgens het Watersportverbond kan er zelfs in de winter worden gepeddeld. Het water is dan wel erg koud. Varen doe je Samen! adviseert bij een watertemperatuur onder de 15 graden in elk geval een reddingsvest te dragen. Vaar dicht bij de kant, ga niet alleen en neem droge kleding mee.